Menu
Pathologie kraambed moeder en kind

In de Nederlandse gezondheidszorg is de begeleiding van moeder en kind in de kraamperiode een taak van verloskundigen en kraamverzorgenden samen. Deze training Kraamperiode
moeder en kind is bedoeld voor verloskundigen. De verloskundige verricht in samenspraak met de ouders de zorg. Deze zorg houdt onder andere in:

• het nemen van preventieve maatregelen;
• het stimuleren van een normaal verloop van de kraamperiode,
• het opsporen van een afwijkend verloop van de kraamperiode bij moeder en kind;
• risicoselectie;
• verwijzen indien nader onderzoek of behandeling in de tweedelijn wenselijk is;
• support en advies geven bij de transitie naar het ouderschap.

Het accent van de postnatale zorg ligt op de eerste levensweek. De postnatale zorg wordt normaliter zes weken na de bevalling afgesloten en geëvalueerd tijdens de 'nacontrole'. In toenemende mate verricht de verloskundige ook zorg bij kraamvrouwen met een verhoogd risico op complicaties. Bijvoorbeeld kraamvrouwen met een sectio. In deze training worden
enkele afwijkende aandoeningen in de kraamperiode behandeld.

Opzet van het onderwijs.
Deze scholing is competentiegericht en zelfsturend opgezet. Een competentie is een samenhangend geheel van kennis, vaardigheden en professioneel gedrag die de beroepsbeoefenaar in staat stelt de taken in wisselende beroepssituaties adequaat uit te voeren. De zelfsturing komt tot uiting doordat van de deelnemer een actieve, onderzoekende en reflecterende opstelling wordt gevraagd. De deelnemer is verantwoordelijkheid voor het eigen leerproces. De deelnemer wordt gestimuleerd te werken volgens de principes van evidence based midwifery/medicine. Wanneer de evidence ontbreekt wordt gestreefd naar werken volgens 'best practice'.

Werkvorm
De onderwerpen worden ingeleid met een korte PowerPoint presentatie door een verloskundig docent. De toegestuurde literatuur kan naar behoefte gelezen worden en is ondersteunend bij het oplossen van de casus. De casuïstiek van de cursisten is leidend voor het verdere verloop van de training en voor de discussie met collega's over het te voeren beleid. Aan het eind van de dag zullen twee deskundigen (kinderarts en gynaecoloog) de overgebleven vragen van de cursisten beantwoorden.

Onderwerpen die aan bod komen zijn o.a.:
Kraamperiode moeder: 
• Mastitis, endometritis, Groep A streptokokken (GAS) infectie;
• Trombose;
• Eclampsie de eerste dagen post partum;
• Stoornissen bij een kraamvrouw met sectio caesarea;
• Antidepressiva in de kraamperiode;
• Thyreotoxicose.

Eerste levensweek van de pasgeborene:
• Kleuren van de neonaat in de eerste levensweek;
• Hypoglycemie en preventie;
• Borstvoedingsproblemen;
• Richtlijn hyperbilirubinemie, transcutane bilirubinemeting;
• Infecties bij de pasgeborene;
• De hielprik.

Studielast
De voorbereiding bestaat uit het lezen van de artikelen uit de reader.

Docenten
• Docenten verloskunde van de AVAG bereiden de presentaties voor en begeleiden de discussie;
• Een gynaecoloog;
• Een kinderarts.

Toetsing en bewijs van deelname
De scholing wordt niet getoetst. Deelnemers ontvangen een bewijs van deelname.

Accreditatie
De training is geaccrediteerd door de KNOV.

Programma
• Ontvangst met koffie en thee;
• Overzicht aandoeningen/ afwijkingen kraamperiode Moeder;
• Overzicht aandoeningen/ afwijkingen Kind eerste levensweken;
• Lunch;
• Casuïstiekbespreking moeder en kind met experts;
• Evaluatie en afsluiting.

Kosten
De kosten bedragen € 160,- per deelnemer. 

Datum  Tijd  Plaats  Locatie 
Dinsdag 10 november 2009    09.30 - 15.00 uur  Amsterdam  VAA

Dinsdag 10 november 2009 is reeds volgeboekt